
'In Qatar sterft elke dag een Nepalees'
NRC.NEXT
10 juni 2014 dinsdag
Section: weten
 Thomas de Veen
 De aanleiding 
Nee, de FIFA leek nu niet helemaal integer meer, erkenden diverse nationale voetbalbonden schoorvoetend, na het nieuws vorige week over een mogelijk omkoopschandaal. Het wereldkampioenschap voetbal van 2022 zou onderhands aan het Arabische emiraat Qatar zijn toegespeeld. 
In zijn column op pagina 2 van de Volkskrant schreef Bert Wagendorp daar dinsdag over: 'Een tijdje geleden kwam het nieuws naar buiten dat er elke dag een dode viel onder Nepalese slaven in Qatar. Toen was integriteit kennelijk nog geen item; het nieuws was in elk geval geen reden de toewijzing aan Qatar te heroverwegen.' Een dode Nepalees per dag: klopt dat? 
 Waar is het op gebaseerd? 
Bert Wagendorp laat weten dat hij zich baseert op een rapport van de ITUC, de International Trade Union Confederation: een wereldwijde vakbond. Over dat rapport is in Nederlandse media niet speciaal bericht - wel werd eind januari geschreven over arbeidsmigranten in Qatar, naar aanleiding van berichten in de Britse krant The Guardian. 
 En, klopt het? 
De krant schreef dat er in 2013 in totaal 185 Nepalezen zijn overleden in Qatar, en baseert zich daarmee op ,,officiële cijfers". Het cijfer dat de ITUC meldt ligt daar dicht in de buurt: dat rapport spreekt van 191 overleden Nepalese arbeidsmigranten. 
Dat is veel, maar het is niet één dode per dag - een dode per twee dagen, kun je wel zeggen. In juni, juli en augustus, toen het overdag gemakkelijk 40 graden werd, stierven er in totaal 65 mensen, aldus The Guardian, dus bijna één per anderhalve dag. De warmte zou daarbij in de meeste gevallen de oorzaak zijn: ,,cardiac" werd als meest voorgekomen doodsoorzaak genoemd: hartfalen. 
De cijfers waarop The Guardian zich baseert, zijn niet onomstreden, zo blijkt uit een rapport dat de internationale juristenfirma DLA Piper in april heeft vrijgegeven. In opdracht van de staat Qatar stelde de firma een lijvig rapport op met aanbevelingen over hoe Qatar met werkmigranten zou moeten omgaan. De sterftecijfers worden ook onder de loep genomen - een soort factcheck dus. 
De cijfers van The Guardian kwamen volgens de krant uit een nog te publiceren rapport van het Pravasi Nepali Co-ordination Committee (PNCC), een arbeidsrechtenorganisatie uit Nepal. Kort daarna reageerde het PNCC, in felle bewoordingen: de cijfers in de krant waren ,,compleet ongegrond", want een dergelijk rapport kwam er helemaal niet aan. 
De juristen van DLA Piper vroegen voor hun rapport bij de ambassade in Qatar de gegevens op. Die kwamen met deze cijfers: in 2013 stierven 191 Nepalezen in Qatar (hetzelfde aantal als het ITUC meldt dus) - op een totaal van 400.000 Nepalese arbeidsmigranten. Slechts vijf van de sterfgevallen in 2013 staan geregistreerd als direct werkgerelateerd; anderen overleden vaak aan ,,natuurlijke oorzaken", vaak een hartstilstand. Waarmee nog niet gezegd is dat die dood niets te maken heeft met zwaar werk - maar specifieke informatie over werkomstandigheden ontbreekt. Eén aanbeveling van DLA Piper is dan ook om doodsoorzaken accurater te registreren. 
Wel zei de ambassade van India (dat ook 500.000 arbeiders in Qatar heeft werken) tegen de juristen dat het aantal overledenen ,,gezien de grootte van de populatie vrij normaal is", en dat het vooral om ,,natuurlijke doodsoorzaken" gaat. In 2013 stierven er 247 Indiase arbeidsmigranten in Qatar en 82 uit Bangladesh - en het overgrote deel van de arbeidsmigranten in Qatar komen uit die drie landen: Nepal, India en Bangladesh. 
Opgeteld zijn er het afgelopen jaar dus minstens 520 arbeiders uit die landen in Qatar overleden. 
Conclusie 
191 overleden Nepalese arbeidsmigranten in Qatar in 2013 - dat zijn er veel, maar geen 365, dus één per dag is wat te sterk. Wanneer we ons beperken tot de Nepalezen, is de stelling dus onwaar. 
Maar je kunt wel zeggen: iedere twee dagen sterven er in Qatar drie arbeidsmigranten - meer dan één per dag dus. Maar of dat telkens met de werkomstandigheden of met het WK te maken heeft, is niet zeker. 
 
Dat schreef columnist Bert Wagendorp vorige week in de Volkskrant
